EEN PAAR FRAGMENTEN
Hier zijn enkele fragmenten uit het reisboek Wereldwijzer Canada: Québec, New Brunswick, Prince Edward Island, Nova Scotia, Newfoundland and Labrador.
Bevolking: Frans in Engels Canada
Na de stichting van Port-Royal in de huidige provincie Nova Scotia in 1605 kwamen stromen Franse kolonisten naar de streek daar omheen. Zij gingen hun in bezit genomen gebied Acadia noemen. Zij werden dus Acadiërs. Rond 1630 waren er circa driehonderd, in 1713 ongeveer 2500 en in 1755 zo’n 15.000. Zij zwermden uit over grote delen van Nova Scotia en waren zeer succesvol in het creëren van vruchtbaar land met behulp van dijken en voor die tijd moderne irrigatiemethoden.
Met de komst van de Britten en de bouw van de nieuwe hoofdstad Halifax in 1749 vertrokken veel Acadiërs naar Île Saint-Jean en Île Royale, tegenwoordig respectievelijk Prince Edward Island en Cape Breton Island, en naar het noordoosten van New Brunswick. Omdat ze geen trouw aan de Engelse koning wilden zweren, besloten de Britten na de verovering van heel Canada de Acadiërs te deporteren. Tussen 1755 en 1763 werden er zo’n elfduizend weggevoerd naar zuidelijke VS-staten. De rest vluchtte naar Québec of dook onder in de bossen. Na het in werking treden van het Verdrag van Parijs van 1763 werd de deportatie nietig verklaard en kwamen velen terug.
In 1864 werd het Collège de Saint-Joseph gesticht in Memramcook, New Brunswick. Dat was het begin van een opleving van de Acadische identiteit in Nova Scotia, New Brunswick, Island of Newfoundland en Prince Edward Island. Tot op de dag van vandaag onderscheiden de Acadiërs zich met een eigen vlag, de Franse taal en de trotse presentatie van hun eigen cultuur.
Praktische informatie: fooien
In de rekeningen die je in restaurants krijgt, zit meestal geen toeslag voor de bediening. Gebruikelijk is tien tot vijftien procent bij te tellen. Als de bediening heel slecht was, kun je wat minder geven. Niets geven is zeer ongebruikelijk, bij het gênante af. Je kunt de fooi bij je creditcardbetaling tellen of in contant geld op je tafel achterlaten. Volgende gasten komen pas als de tafel is schoongemaakt.
Kappers en taxichauffeurs verwachten ook zo’n tien tot vijftien procent, taxi’s afgerond tot een heel bedrag. Portiers en kruiers in hotels, op stations en op vliegvelden krijgen meestal een dollar per te sjouwen stuk bagage. In cafés en bars wordt een fooi naar eigen inzicht gegeven, meestal afronden naar boven. Voor het kamermeisje in hotels wordt één of twee dollar per nacht achtergelaten. Bij fastfoodketens waar je zelf je eten en drinken ophaalt, zijn fooien ongebruikelijk. Ook de pompbediende bij benzinestations verwacht geen tips.
Ville de Québec: historie op de muur
Een dode zijmuur van het historische huis Maison Soumande aan de noordelijke uitgang van Place-Royale is voorzien van een muurschildering van circa 420 vierkante meter groot. Die heet La Fresque des Québécois en toont mensen die gedurende vierhonderd jaar iets voor Québec hebben betekend. Deze fresco is gemaakt door de kunstenaars van het Franse Cité de la Création. Er naast is een open plek waar opgegraven restanten van funderingen en muren zichtbaar zijn gelaten.
Tweede Wereldoorlog in de Gulf of St. Lawrence
Aan deze regio zit een weinig bekend historisch verhaal vast. In de Tweede Wereldoorlog wisten Duitse onderzeeërs tot hier door te dringen. Ze gingen zelfs de Fleuve St.-Laurent op, tot op driehonderd kilometer van Québec. Tussen 1942 en 1944 brachten ze 23 geallieerde schepen tot zinken. De Canadese en Newfoundlandse marines wisten uiteindelijk, met steun van VS-oorlogsbodems, te voorkomen dat de Duitsers verder opstoomden en voet aan wal zouden zetten. Door censuur is over deze 'Slag van de Golf van St. Lawrence' niet veel bekend geworden; verliezen werden doodgezwegen.
Gekortwiekte naaldbomen op Newfoundland
Na Port au Choix begint de omgeving het echt onherbergzame, naar toendra’s en permafrost ruikende deel van het Island of Newfoundland te worden. Opvallend is dat de naaldbomen langs de weg en in de wouden steeds kleiner worden. In het voorjaar breken de jonge uitlopers af door het gewicht van de sneeuw en de kracht van de wind. De bomen blijven wel leven, maar groeien niet of nauwelijks verder. De veel lagere jonge boompjes hebben nog wel de bescherming van de grotere om hen heen en kunnen dus nog doorgroeien tot ze ook dezelfde hoogte hebben bereikt en geen protectie meer genieten.
Bell in Baddeck, Nova Scotia
De uitvinder van de telefoon, Alexander Graham Bell, was een in 1847 geboren Schot die met zijn ouders in 1870 naar Ontario in Canada kwam. Daar bouwde hij zijn eerste telefoon. Dat bracht hem fortuin en daarmee kocht hij onder meer in Nova Scotia bij Baddeck een vakantiehuis. Het is een grote villa met de naam Beinn Bhreagh, staat aan de oever van Bras d’Or Lakes en is nog altijd in het bezit van de familie Bell. Daarom is het niet voor publiek toegankelijk. Maar Parks Canada heeft er niet ver vandaan een museum neergezet over Bell en zijn uitvindingen: Alexander Graham Bell National Historic Site en het Bell Heritage Museum. Er zijn niet alleen exposities over de telefoon maar ook over andere zaken waaraan Bell geknutseld heeft, zoals de destijds snelste boot, vliegtoestellen en vliegers. Er zijn filmpjes, originele voorwerpen en veel foto’s te zien. Het museum staat aan Chebucto Street/Highway 205 aan het oostelijke eind van het dorp en is open van begin juni tot half oktober. Bell overleed in 1922 in zijn villa bij Baddeck.
|